Allium

Citeren

Allium is afkomstig uit de gematigde gebieden van het gehele noordelijk halfrond. Er bestaan wel meer dan 700 soorten. Geschikt voor verwildering tussen struiken en vaste planten in de schaduw, maar ook in de volle zon in de border of rotstuin. Ze bloeien van eind mei tot eind juni en vormen een mooie schakel tussen de voorjaarsbloeiende bloembollen en de zomerbollen. Ze geven kleur aan de tuin voordat de meeste vaste planten beginnen te bloeien.

Bij de meeste sieruien deen allium(allium) wordt het blad al geel voordat ze bloeien. Vooral de hogere soorten hebben daar last van. Om dit lelijke gele blad aan het zicht te onttrekken, worden de bollen tussen vaste planten en lage heesters geplant.  Het blad valt dan weg onder de lage begroeiing.

De allium is ook zeer geschikt als snijbloem en zeer lang houdbaar op water, dat wel steeds moet worden ververst, want anders gaat het water stinken. Ook na de bloei behoudt de allium zijn sierwaarde. De zaaddozen zijn decoratief in tuin en in droog boeketten.

De sieruien houden van goed doorlatende grond en worden in de herfst geplant. De plantdiepte minimaal de grootte van de bol, liefst iets dieper, want de allium is zeer geschikt voor verwildering. Door de bollen iets dieper te planten, hebben ze minder kans te worden beschadigd tijdens de werkzaamheden in de tuin.

Kleinbollige alliums kunnen in de tuin blijven staan en komen steeds weer terug. Grootbollige sieruien bloeien vaak 2 jaar achtereen. Daarna wordt de bloei minder en is het beter om ze direct na de bloei te oogsten. Bewaar ze dan bij een hoge temperatuur, 20 tot 25 graden, en plant ze weer in november. Liefst op een andere plek dan waar ze stonden in verband met eventuele ziekten.